Als je het dan doet, kan je het maar beter goed doen

"Het vergaande belang van professionaliseren van docenten, dat onderschrijven wij natuurlijk volledig. Academy4Learning dóet aan professionaliseren. We zitten erop. Maar ook wij werden weer even op scherp gezet."

Als er één ding naar voren komt in de NPO-documentatie, dan is het dat de professionalisering van leerkrachten en docenten belangrijk is én bewezen effectief. Bewezen effectief voor het wegwerken van achterstanden, maar niet alleen dat, professionalisering draagt ook in algemene zin bij aan het duurzaam en blijvend verbeteren van de onderwijskwaliteit. Wat natuurlijk rechtstreeks het welzijn en de ontwikkeling van leerlingen en studenten ten goede komt.

En professionalisering draagt ook rechtstreeks bij aan het verminderen van werkdruk, laat ik dat ook maar hardop zeggen. Voor mij is de spreadsheet hiervoor altijd een fijne illustratie. Als de opdracht het maken van een spreadsheet vol formules is, dan zal iemand die beter is in ‘spreadsheeten’ hier minder energie aan verliezen en minder frustratie opbouwen, dan iemand die minder bekend is met spreadsheetprogramma’s. Als je iets beter kan, gaat het makkelijker. 

Het vergaande belang van professionaliseren van docenten, dat onderschrijven wij natuurlijk volledig. Academy4Learning dóet aan professionaliseren. We zitten erop. Maar ook wij werden weer even op scherp gezet.

Tijdens de vakantie keek ik de ReseachEDtalk “Leraren & professionalisering: wat werkt?” van Inge de Wolf terug. Zij zette mijn gedachten over duurzaamheid en een blijvend effect weer even op scherp. Haar belangrijkste boodschap, voor mij, laat zich samenvatten in twee woorden: “Vijftien uur”.

Uit onderzoek blijkt dat als je minder dan vijftien uur bezig bent met professionalisering, deze professionalisering eigenlijk niet effectief is. En als we effectief dan enigszins definiëren dan stellen we dat het een blijvend en positief effect heeft op het werk van de docent – en hopelijk uiteindelijk leidt tot betere resultaten van leerlingen en studenten.

Korter dan die vijftien uur aan de slag met ontwikkeling kan natuurlijk wél. Het kan heel leuk zijn, mogelijk goed voor de teambuilding, maar effectief ontwikkelen volgens de definitie hierboven…, nou ja, dat doen we dan niet. Er kan ook geleerd worden, bijvoorbeeld door kennismaking met een nieuwe tool of een inspirerende studiedag, maar als we echt blijvende en positieve ontwikkeling willen zien, dan is er meer nodig. Aandacht, verwerking, tijd.  

En vijftien uur. Dat is nogal wat.

Academy4Learning gelooft erg in duurzame scholing. In het vertalen van de theorie naar de praktijk, in er echt mee aan de slag gaan. En we vinden dat de professionalisering de energie- en tijdsinvestering waard moet zijn. Het moet echt van meerwaarde zijn. Maar we geloven ook in een realistische aanpak. In de praktijk kan het behoorlijk uitdagend zijn om vijftien uur op te eisen voor professionaliseren. Het is misschien zelfs wel een dilemma. Moet en kan je docenten – van wie een aanzienlijk deel geregeld op het tandvlees loopt – vragen om die tijd en energie te investeren?

En vijftien uur, kán natuurlijk wel. Ik wil geenszins het idee schetsen dat het een onmogelijke opgave is. Als je op meerdere momenten in jouw onderwijs actief aan de slag gaat met wat je leerde, dan kan het best hard gaan, qua uren. Wat ik wilde zeggen is dat het belangrijk is om keuzes te maken.

Als één team in een relatief korte periode bijvoorbeeld bezig is met feedback geven, Microsoft Teams én differentiëren, dan zijn ze wel bezig met hun ontwikkeling – en draagt het mogelijk ook bij aan het ‘gewoon’ maken van professionaliseren binnen de school – echt effectief is het niet. Het krikt de werk- onderwijskwaliteit waarschijnlijk niet op, niet duurzaam in ieder geval.

 

En om ook nog even terug te komen op de werkdruk. Die zal er niet van afnemen. Een training die niet effectief blijkt, voelt uiteindelijk ook als administratieve last. Als in: ‘dit moeten we óók nog doen’.

Voor de school of onderwijsinstelling vraagt het dus om keuzes maken. Om goed te kijken – waar willen we heen, hoe willen we ons ontwikkelen? Kunnen we de professionalisering zo inrichten dat het in lijn ligt met de visie en doelstellingen van de school? En met de persoonlijke doelstellingen.

Er is veel te zeggen voor het bieden van keuzevrijheid in waar docenten zich in willen ontwikkelen – dat zorgt immers voor meer motivatie, maar misschien moet er vanuit de school wel beleid zijn: goed dat je je ontwikkelt in een thema naar keuze, maar duik er dan wel zo in dat het ook echt wat oplevert.

En dat betekent niet dat iedere docent verplicht moet worden zich direct minimaal vijftien uur onder te dompelen in alles wat hij interessant vindt. Dat is alleen al qua agenda niet realistisch. Het betekent wel dat bewúste keuzes enorm bijdragen aan de ontwikkeling van de docent. Je leert uiteindelijk meer van één ding goed doen, dan van drie dingen half.

En waar je als docent tussen kan en wil kiezen, dat moet je natuurlijk onderzoeken. En daarvoor is het nodig om érgens te beginnen. (Om Zig Ziglar te citeren: “Je hoeft niet geweldig te zijn om te beginnen, maar je moet wel beginnen om geweldig te kunnen zijn.”) Uiteindelijk begint ontwikkeling natuurlijk met een eerste stap.

Dus zoek inspiratie. Probeer eens een nieuwe app of een tool. Evalueer eens formatief. Ga eens kijken bij een collega in de les. Onderzoek kansen om je te ontwikkelen en kies vervolgens bewust dát waarvan je denkt dat het jou verder zou kunnen helpen. Duik daarin met aandacht en tijd – dat gaat je een betere docent maken. En je ballon weer verder opblazen.

Johan Reitsma
Contentspecialist en trainer.

Benieuwd hoe wij u kunnen ondersteunen, vraag een gratis adviesgesprek aan.

Meer over dit thema